Press room

Tegen wateroverlast is een financieringsplan op de lange termijn nodig

De straten staan blank en klimatologen verwachten dat dit in de toekomst steeds frequenter zal voorkomen. Maar het huidige niveau van de investeringen zal niet volstaan om wateroverlast duurzaam te vermijden. Voor de Vlaamse Confederatie Bouw is het evident dat een financieringsplan op de lange termijn nodig is.

De Vlaamse bevolking vraagt met steeds luidere stem een verhoogde waterveiligheid. Maar om wateroverlast te vermijden zijn investeringen nodig, en het huidige investeringsniveau is te laag. Er zal steeds meer wateroverlast voorkomen, door de combinatie van de bevolkingsgroei enerzijds en de klimaatverandering anderzijds.

Marc Dillen (directeur-generaal Vlaamse Confederatie Bouw) erkent dat de Vlaamse overheid zich daarvan bewust is. In het verleden lag de klemtoon van het waterbeleid vooral op waterzuivering en de Europese waterzuiveringsrichtlijnen. Maar in de voorbije jaren gaat er steeds meer aandacht naar wateroverlast. De invoering van de watertoets, de verplichting van regenwateropvang bij nieuwbouw en het Sigma-plan zijn daarvan voorbeelden.

Maar ondanks de goede bedoelingen komen deze maatregelen te laat. Op zich kunnen ze niet rechtzetten wat in de afgelopen dertig jaar verwaarloosd is. Er is te veel infrastructuur aangelegd zonder na te denken over waterdoorlatendheid, de capaciteit van veel rioleringen is te laag enz.

Marc Dillen: "We hebben voor de toekomst een structurele oplossing nodig. Daarvoor moet een meerjarenplan opgemaakt worden met een volledige behoefteanalyse. Dan kunnen we een inventaris opmaken van de investeringen die prioriteit moeten krijgen. Het is evident dat voorrang moet gaan naar maatregelen op plaatsen waar overstromingen het vaakst voorkomen en de grootste impact hebben. De focus mag daarbij niet alleen liggen op nieuwbouw. Men moet ook maatregelen treffen die bestaande gebouwen beschermen tegen wateroverlast."

Vlaanderen heeft de uitbouw en het beheer van de waterzuiveringsinfrastructuur toevertrouwd aan één actor, Aquafin. Deze aanpak heeft positieve resultaten geboekt. De VCB pleit ervoor om ook de verantwoordelijkheid voor het investeringsplan tegen wateroverlast bij één actor te leggen. Deze moet de stabiliteit van het plan bewaken en garanderen dat het uitgetekende investeringstraject daadwerkelijk afgelegd wordt.

Noot: de afbeelding hiernaast omvat de aanleg van een wadi op een verkaverling in Boortmeerbeek (foto Durabrik)