Press room

Reactie aan De Standaard : gezinnen zetten woonbonus voor 40 % in voor energetische werken

Bouw schuift klimaatbonus naar voren om voor 100 % te investeren in energiedoelstellingen   

De Standaard heeft afgelopen weekend bericht over de impact van de woonbonus op de verkoopprijzen van vastgoed. De Vlaamse Confederatie Bouw wenst dit artikel te nuanceren aangezien er voorbij gegaan wordt aan het feit dat een groot deel van de middelen bestemd voor de woonbonus ingezet werden voor nieuwbouw en energetische renovaties. Meer bepaald 40 % ervan. De bouw en architectenvereniging hebben dan ook voorgesteld om de middelen voor 100 % in te zetten voor energetische werken via een klimaatbonus. Dat voorstel vond voorlopig geen gehoor. Een gemiste kans, want de verlaging van de registratierechten werkt opnieuw prijsstijgingen in de hand. En de bescheiden verlaging van de registratierechten bij energetische werken is niet significant genoeg voor energie- en klimaatdoelstellingen.  

Woonbonus kan niet uitsluitend vereenzelvigd worden met prijsstijgingen, integendeel 

De VCB betreurt dat intussen het debat over de afschaffing van de woonbonus herleid wordt tot de gedeeltelijke prijseffecten op vastgoed. Hoewel 60 % van de middelen voor de woonbonus een prijsverhogend effect zou kunnen hebben, hebben gezinnen 40 % van de middelen voor de woonbonus geïnvesteerd om een energie-efficiënte nieuwbouw en ingrijpende energetische renovaties te verwezenlijken. In dat segment zijn geen prijsverhogende effecten te bespeuren. Zonder de woonbonus hadden die gezinnen het bovendien veel moeilijker gehad om een goede, hedendaagse woning te verwerven. 

De Standaard verwijst in zijn artikel naar een demarche van de Woonraad uit 2012, maar vergeet het expliciete advies van de Woonraad uit hetzelfde jaar te vermelden : “Er dient een onderscheid te worden gemaakt tussen de impact van de woonbonus op de aankoop van een bestaande woning enerzijds en een nieuw te bouwen woning anderzijds. Op de nieuwbouwmarkt bestaat de woningprijs uit de bouwkost en de prijs van de bouwgrond. Wellicht speelt het prijsopdrijvend effect van de woonbonus op de prijzen van nieuwbouw in veel mindere mate dan op de secundaire koopmarkt: aangezien de bouwsector een sterk concurrentiële economische sector is, is de bouwkost (ABEX-index) immers nauwelijks onderhevig aan vraaggestuurde prijsstijgingen.” 

Woonbonus vervangen door klimaatbonus 

Dat advies is nog steeds zeer actueel en sluit aan bij het voorstel van de sector om de woonbonus te vervangen door een klimaatbonus die integraal – voor 100 % - wordt ingezet voor energetische werken aan woningen. Niet alleen cruciaal in de klimaatuitdaging en goed voor de gezinnen, maar ook gunstig voor de tewerkstelling in onze regio. 

De nieuwe Vlaamse regering heeft evenwel de woonbonus vervangen door een verlaging van de registratierechten. Daarmee stoot de regering zich opnieuw aan dezelfde steen aangezien dit louter een prijsverhogend effect heeft op de huizenmarkt waardoor gezinnen geen euro meer te besteden hebben aan een kwaliteitsvollere en waardevastere woning.   

Een verlaging van de registratierechten zorgt ervoor dat het beschikbare budget om een woning te kopen stijgt. De beschikbare hoeveelheid woningen en bouwgrond in Vlaanderen ligt echter vast. Wanneer een groter budget beschikbaar is om hetzelfde aantal woningen te kopen, dan zullen huizenprijzen stijgen. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest werd de woonbonus vervangen door een vermindering van de registratierechten. Die ervaring leert dat zo’n korting nagenoeg volledig geabsorbeerd wordt door prijsstijgingen.  

U vindt het gemeenschappelijk persbericht van VCB, Bouwunie en NAV van 20 september over de klimaatbonus via volgende link terug : Hervorm de woonbonus naar een klimaatbonus, versterk de korting op registratierechten bij renovatie