Press room

VCB positief over instrumentendecreet als basis voor verdere uitwerking van Beleidsplan Ruimte Vlaanderen

Nu dringend werk maken een degelijk mobiliteitsplan en bijbehorende investeringen 

Op de agenda van de laatste vergadering van de Vlaamse regering voor het zomerreces stonden een aantal belangrijke beslissingen op het vlak van ruimtelijke ordening die verband houden met de implementatie van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen (BRV). De Vlaamse Confederatie Bouw reageert positief op de goedkeuring van het Instrumentendecreet, maar wijst tevens op de steeds toenemende mobiliteitsproblemen. De Vlaamse regering zal hier volop op moeten inzetten om het steeds groter wordende fileprobleem aan te pakken en op te lossen.  

De VCB benadrukt in elk geval dat de rechtszekerheid voor burgers en bedrijven ten allen tijde moet worden gegarandeerd. Hoewel de VCB nog geen inzage kreeg in de goedgekeurde teksten, reageert VCB positief op de goedkeuring van het instrumentendecreet. Gezien het BRV inzet op het afremmen van bebouwing en op het verdichten op goed gelegen locaties, is het essentieel dat men voorziet in een volwaardige schadevergoeding. Met de goedkeuring van het instrumentendecreet wordt deze schadeloosstelling op basis van de teksten die ons gekend zijn beter gegarandeerd. 

De keerzijde van de medaille evenwel is de nieuwe heffing op het ruimtelijk rendement, een aanzienlijke heffing die geïnd wordt op een vermoede meerwaarde. Niet alleen het bedrag van deze heffing maar ook het moment waarop die moet worden betaald, vormt een grote hinderpaal voor inbreidingsgerichte investeringen. De overheid zal in elk geval moeten beseffen dat deze meerwaardeheffing niet enkel professionele bouwers zal treffen maar ook particulieren die hun woning wensen te verkopen. Aangezien de heffing wordt aangerekend bij de verkoop van een pand, zal de particuliere verkoper met deze te betalen meerwaardeheffing rekening moeten houden. Ook dit brengt de betaalbaarheid van woningen ernstig in het gedrang. 

Voor wat betreft het bosdecreet merkt VCB op dat ook hier voorzien wordt in een 100% schadeloosstelling indien een bouwverbod wordt opgelegd. Nochtans bestaat het risico nog steeds dat eigenaars van een klein perceel plots geblokkeerd kunnen worden (zelfs indien ze in woonzone gelegen zijn), met name wanneer het perceel met bomen grenst aan een bos. Daarom is het essentieel dat men de minimale grens van 1 ha die vermeld wordt per perceel bekeken wordt en niet als onderdeel van een groter geheel, zoniet riskeren opnieuw duizenden particulieren getroffen te worden. 

Voorts benadrukt de VCB dat de Vlaamse regering prioritair moet inzetten op het ontwikkelen van een gedegen mobiliteitsplan. De Strategische Visie, als onderdeel van het BRV, omvat geen duidelijke visie op mobiliteit en goederenvervoer, waardoor de fileproblematiek zal blijven toenemen. Er is broodnodig behoefte aan bijkomende plannen en investeringen in mobiliteitsinfrastructuur. Willen we onze economie draaiende houden, zal hier volop moeten worden ingezet. Het BRV mag deze investeringen niet nodeloos afremmen. 

Hoewel de VCB voorstander is van verdichting, vraagt zij wel een realistische benadering en een juiste timing bij de verdere uitwerking van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen, vooral om aan de lokale besturen voldoende tijd te gunnen om kwalitatieve projecten voor te bereiden en te realiseren. De Vlaamse overheid moet vermijden dat elke individuele vergunningsaanvraag onderworpen wordt aan verschillende voorafgaande studies. Lokale besturen dienen over voldoende tijd te beschikken om voorafgaande studies op lokaal niveau uit te werken, waardoor de individuele vergunningverlening achteraf sneller en met minder risico’s kan worden bekomen. 

Dit impliceert voorts dat een Go-beleid moet worden gestimuleerd door een goede afstemming tussen het Vlaamse en het lokale niveau: er moet vermeden worden dat men op Vlaams niveau afremt vooraleer men op lokaal niveau voldoende tijd gekregen heeft om de nodige verdichtingsprojecten te realiseren. Dit laatste vergt een inventarisatie van de gemeenten die bereid zij in te zetten op voldoende verdichting. Daarbij moet vooral worden gekeken naar de tien steden en gemeenten die een vierde van de bevolkingsgroei zullen moeten opvangen: met name de steden Antwerpen en Gent, evenals  Mechelen, Aalst, Vilvoorde, Hasselt, Roeselare, Geel, Sint-Niklaas en Heist-op-den-Berg. Meer info hierover kan u in ons blogbericht lezen. 

Tot slot is de VCB tevreden over het inzetten op een slimme kilometerheffing. De VCB vraagt echter wel dat de opbrengsten van de kilometerheffing integraal aangewend worden voor mobiliteitsinvesteringen.